Luchtgaten tussen het bolusmateriaal en de huid zijn een bekend probleem in de radiotherapie. Studies tonen aan dat zelfs een kleine luchtspouw de oppervlaktedosis met 10–20% kan verminderen (bijv. Butson et al., 2000). Dit kan leiden tot onderdosering van het doelvolume en de kwaliteit van de behandeling in gevaar brengen.
BolusCare minimaliseert dit risico door zich flexibel aan te passen aan de anatomie van de patiënt en zorgt voor een gelijkmatig contact zonder luchtgaten.
Daarnaast kunnen luchtgaten ook de dosisverdeling in diepere weefsellagen beïnvloeden en zo de geplande behandelingsgeometrie verstoren. Het risico op dergelijke inhomogeniteiten is vooral verhoogd in anatomisch complexe gebieden of wanneer huidoppervlakken ongelijk zijn. Onvoldoende aanpassing van het bolusmateriaal kan bovendien leiden tot interfractionele variaties wanneer de positionering van de patiënt van dag tot dag licht verschilt. Dit beperkt de reproduceerbaarheid van de behandeling en vermindert de therapeutische veiligheid. Het betrouwbaar voorkomen van luchtgaten is daarom een sleutelfactor voor een nauwkeurige en consistente radiotherapie.